Shit, ik begin op mijn moeder te lijken!

“LOOP ROND HET TAPIJT, ANDERS KOMEN ER STREPEN IN! HOEVEEL KEER MOET IK DAT NU NOG ZEGGEN?!”

Ik stel u voor, mijn moeder.

Hoewel ik deze zinnen nog geregeld als een mantra in mijn achterhoofd hoor, sta ik toch versteld. Ze kijkt me aan met grote ogen die me duidelijk maken dat ik het maar beter niet vergeet. Ook al ben ik nu al even het huis uit.

Eigenlijk had ik er nog nooit over nagedacht. Ik vond het perfect normaal dat je niet over een tapijt liep. Een tapijt moet gewoon liggen en mooi wezen. Dat was mijn waarheid. Maar sinds ik samenwoon met mijn lief, besef ik dat het ook anders kan. Dat er ook tapijten bestaan met meer dan alleen een kijkfunctie. Bij ons thuis wordt het ook effectief gebruikt. En soms zelfs misbruikt.

Ik herinner me nog hoe ik ’s avonds thuiskwam na een ellendige werkdag. Mijn lief zat op zijn gemak voor de tv. Een pita te eten. En een glaasje water te drinken. Hij keek zeer geconcentreerd naar de tv terwijl zijn hand het glas water zocht. Nog voor ik kon ingrijpen, zag ik hoe hij het ongelukkige glas water omver kegelde. Op de vloer. Op ons tapijt.

En ik heb het nog geprobeerd. Met alle relativerende kracht die ik bezit, heb ik geprobeerd de hysterie te bedwingen. Maar het lukte niet. Van diep in mijn buik voelde ik de woede opborrelen tot ik gloeiend rood uitriep:

“NIET DRINKEN OP HET TAPIJT! HOEVEEL KEER MOET IK DAT NU NOG ZEGGEN?!”

Ik stel u voor, het kind van mijn moeder.

Advertenties